Alle collecties
 
 

Inleiding


Wetenschappelijke verzamelingen werden en worden bijeengebracht voor onderwijs en onderzoek, de kerntaken van een universiteit. Met het verstrijken van de tijd gaan deze verzamelingen vaak tot het culturele en meer bepaald het wetenschappelijke erfgoed behoren. In dat opzicht heeft de Universiteitsbibliotheek een belangrijke functie want de Bijzondere Collecties omvatten een van de grootste erfgoedverzamelingen van ons land, zowel in wetenschappelijke als in museale zin. Een zo belangrijke internationale verzameling schept verplichtingen naar de traditionele gebruikers én naar een groter publiek dan de academische wereld.

Bij de Bijzondere Collecties is alles ondergebracht wat is verschenen voor 1850 en, voor de periode daarna, wat bijzonder is of kostbaar. Het gaat dan om miljoenen objecten: gedrukte boeken, handschriften, brieven, kaarten, prenten, tekeningen en foto's, schilderijen en vele uiteenlopende voorwerpen. In de twintigste eeuw zijn er nieuwe normen en technieken ontwikkeld voor conservering, openbaarmaking en beschikbaarstelling van dit materiaal. Evenals de musea zal de Universiteit van Amsterdam partners nodig hebben want dit kostbare bezit is zowel een cultuurhistorische lust als een financiële last.

Gelukkig zijn er altijd mensen en instellingen geweest die de Bijzondere Collecties welgezind waren. Neem bijvoorbeeld Jacob Buijck, de pastoor van de Oude Kerk die de stad verliet vlak voordat zij in 1578 protestants werd. Hij liet als een van de eersten zijn boekerij na aan wat toen nog de stadsbibliotheek was. In de loop der tijd verrijkte ook een aantal bruiklenen de Universiteitsbibliotheek, waaronder die van de Koninklijke Vereniging van het Boekenvak, het Koninklijk Nederlands Aardrijkskundig Genootschap, de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst en die van enkele kerkelijke instellingen. Deze collecties zijn nu toonaangevende verzamelingen. Zo werden de Bijzondere Collecties een verzameling verzamelingen, gegroeid door het samenbrengen van collecties van verschillende eigenaren of specifieke verzamelgebieden. Vanuit deze collecties ontwikkelden zich op een organische wijze nieuwe thematische verzamelingen, zoals bijvoorbeeld van kinderboeken, kookboeken, architectuurboeken en emblemataboeken.

Overzien we de Bijzondere Collecties in hun volle breedte dan wordt één zwaartepunt heel nadrukkelijk zichtbaar: Amsterdam. In de zeventiende eeuw leverde de Republiek een derde deel van de hele Europese boekproductie, en de helft daarvan werd in Amsterdam gedrukt. Die boeken vonden hun weg naar alle windrichtingen. De Bijzondere Collecties maken ook deel uit van wat de 'Collectie Amsterdam' wordt genoemd: verzamelingen in de stad die elkaar aanvullen. Zo is de geschiedenis van de Universiteit tevens terug te vinden in het Gemeentearchief en bevindt zich een groot aantal portretten en ander beeldmateriaal in het Amsterdams Historisch Museum. Artis, de Hortus en het Tropenmuseum bezitten ook materiaal dat een band heeft met de verzamelingen van de Universiteit.

De Bijzondere Collecties vormen een eenheid in gebruik, beheer, behoud en presentatie, zij het een eenheid in grote verscheidenheid. Deze presentatie, die ook in boekvorm is uitgegeven, legt door zijn thematische opzet vaak onverwachte dwarsverbanden tussen de uiteenlopende collecties. Samenstellers en auteurs hopen zo een stimulans te geven voor onderwijs en onderzoek op basis van de Bijzondere Collecties en de belangstelling te vernieuwen voor de nog te weinig bekende schatten. De komende jaren zal er hard gewerkt moeten worden, zowel aan het verbouwen en inrichten van de nieuwe behuizing naast het Allard Pierson Museum, als aan het wereldwijd zichtbaar en toegankelijk maken van deze unieke 'verzameling verzamelingen'.

Judith Belinfante
Hoofdconservator Bijzondere Collecties